4 Para

Afbeelding voor None

Ik zat bij de 4e Para brigade en kwam op de 18e, dus de 2e dag, aan op de Ginkelse Heide, zo’n 8 kilometer van de brug. Het was al een uur of 3 in de middag, dus we waren maar liefst 5 uur te laat en dat had alles te maken met mist boven ons vliegveld in Engeland. We landden midden in een aanval van SS’ers op de landingsvelden. 

Die aanval hielpen we afslaan en namen 3 SS’ers gevangen: 2 Nederlanders en een Pool. We probeerden diezelfde dag nog bij de brug te komen, maar werden door de Duitsers met zware verliezen terug geslagen. 

Chaos

De volgende dag vertrokken we bij het eerste licht om half 5 in twee colonnes weer richting de brug. We waren nog niet echt op weg toen we al onder vuur werden genomen door mortieren en zware machinegeweren. 

Het was een totale chaos en we verloren heel veel mensen. De strijd duurde de hele dag en gaandeweg kregen de Duitsers versterkingen van halfrupsvoertuigen en tanks. 

Man tegen man

Weer moesten we terugtrekken. Dit keer in de richting van Wolfheze. Onderweg werden we beschoten door Duitse ME-109 jachtvliegtuigen. 

Achterna gezeten door sterke Duitse troepen trokken we door bossen. We moesten ze letterlijk van ons afslaan, zo dicht zaten we ons op de hielen. 

Midden in deze chaos landden er een aantal zweefvliegtuigen met Poolse artillerie. Dit bracht de Duitsers van hun stuk en met een harde maar goed gerichte tegenaanval wisten we ze terug te slaan. 

Een nacht in het bos

Voor de nacht groeven we schuttersputjes tussen de bomen. De volgende dag zouden we terugvallen op Oosterbeek, waar in hotel Hartenstein het hoofdkwartier van de landingstroepen gevestigd was. Van slapen kwam door mortiervuur echter helemaal niets.

Bij het eerste licht vertrokken we. Duizelig van het gebrek aan slaap en water en vuil omdat we ons al twee dagen niet hadden kunnen wassen. 

Hinderlaag

Op weg naar Hartenstein werden we overvallen door SS’ers met pantserwagens uitgerust met 20 mm snelvuurkanonnen, zware machinegeweren, mortieren en tenminste één vlammenwerper. Het werd een bloedbad, we verloren veel troepen en de meeste overlevenden waren gewond. 

Met de bayonet op de wapens bestormden we de vijand. Die schrokken van het zooitje ongeregeld dat op ze afkwam en zo wisten we uit de omsingeling te ontsnappen. 

Oosterbeek

We renden tot we loopgraven zagen met Engelse troepen, die duidelijk herkenbaar waren aan hun rode baret. Daar werden we niet direct met open armen ontvangen, want een officier wilde weten wat voor een bende we waren. 

Nou, het restant van 4 Para dus. 200 van de 2000 man bereikte Oosterbeek. De rest was dood, gevangen genomen of vocht her en der nog in kleine omsingelde stellingen. 

Terug naar Nijmegen

Bij Oosterbeek vochten we dagenlang tegen een enorme overmacht aan troepen die bovendien zwaar bewapend waren. Onze voorraden werden kleiner en het aantal gewonden nam toe. Uiteindelijk moesten we ons terugtrekken en zwommen we in het holst van de nacht onder zwaar Duits vuur de Rijn over, waar we werden opgehaald met vrachtwagens om naar Nijmegen gebracht te worden. 

Meer Market-Garden op deze site

Voor het eerst naar het buitenland

Een Nederlander bij de Waffen SS

Het einde bij de brug

NOOT

Dave McPhee landde met 4 Para bij Arnhem. Dit is een deel van wat hij die 8 dagen meemaakte.

Deel dit: